op 
Zo’n een weekzonder.nl-week doet wonderen voor je zintuiglijke waarneming. Je zet een themabril op en voor je het weet verdwijn je je zelf gegraven gat in. Ik ben moe deze week, Kim. Daarom loop ik achter. Met zo’n beetje alles. En ik overdrijf het niet om deze blog interessanter te maken voor die drie fanatieke lezers van ons (waaronder mijn moeder en jouw moeder). Toen ik vanochtend wakker werd, na ruim 9 uur slapen, voelde het nóg een beetje alsof een of andere tyfusleier ’s nachts stiekem de band om mijn hoofd, die alles ferm op z’n plek houdt, te strak had aangetrokken.
De buurvrouw ging erop uit met mijn dochter (en de hare) en ik ben haar diep, diep dankbaar.* Want daardoor kon ik terug naar bed met m’n lachwekkend slechte thriller (From Cop To Corpse van Peter Lovesey), terwijl m’n huis een winters stofhol is, waar iemand met aanleg voor bronchitis uit zou terugdeinzen. Overal liggen stapeltjes op stapeltjes die dreigen om te vallen, maar gestut met een nieuw stapeltje houdt het nog wel even stand. Ik erger me niet want m’n bed is warm en zacht en de kat van de buren is net bij me komen liggen, een hele eer. Ik zweer dat je van katten net als van baby’s (kennelijk) oxytocine** krijgt. Hoofdinspecteur Peter Diamond zit de cop killer op de hielen. Ik wou dat ik hem kon inzetten om die nachtelijke tyfusleier in de kladden te grijpen. Hoop dat ik morgen fris verder kan met m’n handjes-verhaal. x
*Helemaal omdat ik het haar niet durfde te vragen omdat ik bang ben dat ik de gunst moet eh terugbetalen maar daar op korte termijn de tijd noch energie voor lijk te hebben.
**dat knuffelhormoon, de horny tegenpool van cortisol, zeg maar. (Ik ben geen dokter hè.)