Elinor op dinsdag

Beste Discipline,

Je bent niet bepaald een vriend van me. Dat weet iedereen die ons kent. Sterker nog we lagen vroeger regelmatig in de clinch, waarbij de Phyllophaga* in mij het meestal won. Tegenwoordig gaan we wat edelmoediger met elkaar om.
Ik heb lang geen idee gehad wie je was, Discipline. Totdat andere mensen over je begonnen. Of, eigenlijk, over het gebrek aan jou in mijn leven. Als ik toch dat kleine beetje op had kunnen brengen, God ik had een der Groten kunnen zijn. Maar ik had er gewoon geen enkel idee van hoe ik je moest aanroepen. Soms deed ik alsof. Creƫerde ik alle voorwaarden. Maar zelfs in een bijkans prikkelloze omgeving, waarin Focus mijn tijdelijke muze naakt voor mij danste, bleek je niet tot mij te komen. Je stelde me keer op keer teleur Discipline, en uiteindelijk sloeg mijn nieuwsgierigheid om naar kwaadheid en heb ik je afgezworen. Niet dat ik denk dat je ooit echt de mijne had kunnen zijn. Je lacht me uit. Je lacht me toe. Een enkele keer vergist iemand zich en complimenteert mij om mijn daadkracht en doorzettingsvermogen, dan geef ik jou alle eer.

Discpline, ik denk dat we deze aangename status quo moeten behouden. Akkoord?
Groet,
Elinor

*twee- of drievingerige luiaard.

« vorige - volgende »