Elinor op maandag

De taaie Israƫlische noemt je honing. Ze vraagt of je je maandagen hebt. Blessures? Zwanger? Kom op Joe, jij ook niet? Want dan mag je niet springen. En niet op je hoofd staan. Katkoe, geen probleem. Laten we dat maar eens proberen. Het zit hem in de symmetrie, de uitlijning. Het los, het vast. Sla je staartje om. Het mag ongemakkelijk zijn. Je drukt jezelf maar het mag nooit pijn doen. Niet met je billen naar achteren, het staat wel pikant maar doet niets voor de houding.

En dan nu het kosmische ei, de strijders zijn voorbij. Ben je daar tevreden over? Dat maakt niet uit. Er is geen heden, geen verleden, nee, nee joh! Op je zitbotten, knieƫn naar je toe, voeten van de vloer, kin op je borst, je stuurt jezelf het heelal in. Knijp, knijp, knijp, blijf ademen, Rosanne. Baar jezelf, 4 seconden, 3, harder, 2 seconden, geef jezelf terug, bijna, hou vol en 1, laat los. Laat je kruin, los, je gehemelte, los, je jukbeenderen, los, waar ben je Roy?, je tong, laat hem, loslosss. Je kaak, je sleutelbeenderen tot je pinkteen. Laat. Het. Los. Goed. Shavasana.

« vorige - volgende »