Kim op maandag

De eerste keer dat Taksi gewond thuiskwam zat ik aan de keukentafel te werken en kwam hij achter me op de stoel liggen uithijgen, languit om mijn heupen gekruld. Dat had hij nog nooit gedaan en zou hij daarna ook nooit meer doen.

Taksi heeft veel vijanden in de buurt. Waar precies weten we niet. We hebben geen idee waar hij allemaal komt. Laatst vertelde iemand me dat een kat met wondjes op de rug meestal het onderspit delft – die wordt nog nageschopt onder het wegvluchten. Taksi is de winnende kat, hij heeft meerdere littekens op zijn neus van oude vechtpartijen en komt regelmatig met ‘vreemde’ vacht onder zijn nagels thuis.

De tweede keer dat Taksi gewond thuiskwam dachten we dat zijn poot gebroken was en moesten we hem binnenhouden. ’s Nachts sloten we hem op in de woonkamer omdat we anders wakker lagen van het geram tegen het dichte kattenluikje.

Vroeger zagen we nog wel eens andere katten in de tuin, maar tegenwoordig durf ik er de vogels prima te voeren. De tuin is off limits voor de buurtkatten – Taksi zelf ligt er alleen soms in uit te rusten onder een struik. Toen we afgelopen zomer een nest koolmezen hadden hield ik mijn hart vast voor uitvliegdag –  een traktatie/feestmaal/makkelijke prooi voor Taksi. Maar die was zoals gewoonlijk helemaal niet in de buurt. Alle babykoolmezen hebben het gered. En ook de ouders. Ik hoop dat ze dit jaar terugkomen.

De derde keer dat Taksi gewond thuiskwam had hij een abces zo groot als een golfbal op zijn kaak, het wondje er duidelijk zichtbaar in. Toen de dierenarts het opensneed kwam er een zee van pus en bloed uit, maar Taksi gaf geen krimp.

Taksi is al de hele dag niet thuis geweest. Dat gebeurt wel vaker, maar we worden er altijd onrustig van. Hij heeft geen naam om op straat te roepen, maar ik denk dat de buurt er inmiddels wel aan gewend is. Het langste dat hij wegbleef was 4 dagen, en toen hij er weer was moest hij heel veel eten, heel veel slapen en daarna weer gewoon op pad. Ik liep die week 2 keer per dag door de buurt met een pakje natvoer te zwaaien en kon wel huilen toen ik hem weer zag. Taksi gaf geen krimp. Die is niet bang.

« vorige - volgende »